Toen ze aan kwam lopen stond de chauffeur een sigaretje te roken. Hij had pauze.

Ze tilde met haar goede hand de rollator in de bus. Ze viel bijna om. Bijna.

Ze was net een week uit het ziekenhuis na twee herseninfarcten in twee weken tijd. Ze had keihard gewerkt om weer zo snel mogelijk op de been te komen. Ze was nog wel wat wankel. Vooral was ze dapper.

Het lukte haar om zonder te vallen zelf ook in de bus te geraken. Terwijl ze zich vasthield met haar goede hand slingerde ze haar aangedane been naar binnen. Ze klapte de rollator in, zette het ding veilig weg en ging op een stoel zitten. Niet die stoel voor mensen met een beperking. Ze vond dat ze die vrij moest houden voor mensen die er echt slecht aan toe waren.

Ze was trots.
Dat ze het hele end van huis naar de bushalte had kunnen lopen.
Dat het gelukt was om in de bus te komen.
Dat ze dit had aangedurfd.

Ze zou een paar haltes gaan. Ze wilde een brood halen bij de lekkerste bakker en dan weer naar huis.

Tevreden keek ze naar buiten.
Dit had ze mooi geflikt.

Toen ze wilde uitstappen vond ze de stoep wel heel ver weg. Ze raakte in paniek. Zag even niet hoe ze veilig de bus uit zou komen met haar rollator. Toen viel haar een gele lijn op bij de deur van de uitgang en ze realiseerde zich dat er iets van een voorziening moest zijn om gemakkelijker de bus uit te komen.

Ze vroeg aan de chauffeur of zij daar gebruik van kon maken.
De chauffeur zei van niet.
Hij zei dat dit voor rolstoelen was en zij toch niet in een rolstoel zat?

Toen ze mij het verhaal een paar dagen later vertelde werd ze er weer verdrietig van.

Sandra
Wmo adviseur

©2019 de Wmo adviseur

Meer verhalen van over de drempel, achter de schermen en aan de keukentafel lezen?
Over werken met de wet in je ene en je hart in de andere hand?
Bestel hier jouw exemplaar van het boek ‘O, dus dát is Wmo!’.
Het boek over maatschappelijke ondersteuning anno nu.

Advertenties