Als hij het niet meer houdt en breekt en zich verslikt in zijn tranen vraag ik of hij een glaasje water wil.
Dat wil hij.
Ik kijk zijn begeleider aan en vraag of zij het even wil halen.
Dat wil zij.

De begeleider had het gesprek nogal gedragen. Ze vulde steeds voor de man in, viel hem in de rede, legde mij uit hoe het zat, nam het gesprek over.
Ik liet haar steeds kort weten dat ik haar had gehoord en bleef me op de man richten. Ik verifieerde wat zij zei bij de man, stelde mijn vervolgvraag aan de man, ging het gesprek aan met de man.
Het ging om hem tenslotte. Niet om haar.

Eén van de dingen die zij nogal stellig zei en een paar keer in andere bewoordingen herhaalde was dat zij vond dat hij te stoer deed, te hard doorging, geen rust nam en teveel voor anderen deed en te weinig aan zichzelf dacht. En eigenlijk zei ze ook dat hij daarmee een deel van zijn eigen problemen veroorzaakte.
Ik zag de man steeds zijn lijf spannen als dit voorbij kwam, maar met haar er boven op kwam ik niet verder.

Nu greep ik mijn kans.

Ik gaf de man aan wat ik dacht te zien en vroeg hem zijn eigen verhaal te doen.
De man vertelde.
Over zijn geschiedenis.
Zijn pijn.
De moeite die het leven hier en nu hem soms kost.
Zijn vlucht in werk.
In van nut zijn.
Bezig zijn.
Iets goeds doen voor de wereld.
Zijn enige houvast.
Hij had teveel gezien, teveel meegemaakt.
Hij kreeg het allemaal niet meer verwerkt.
Hij wilde niet in een gat zinken.
Gaan drinken of andere ellende overhoop halen.
Hij wilde mee blijven doen.
En er toe blijven doen.
Dit was zijn manier.
Zo hield hij zichzelf op de been.
Zo kon hij goed maken waar hij ergens anders had verzaakt.
Toen hij zijn maten verloor…

Rustig aan doen zou zijn dood worden, zei hij.

“Snap je?”
Ik knikte.

Het glaasje water was ondertussen terug.
Ze was gaan zitten.
Had eens naar mij gekeken.
Had eens naar de man gekeken.
En leunde achterover.

Sandra
🌻

©2020 de Wmo adviseur

 

Bestel hier jouw exemplaar ‘O, dus dát is Wmo!’.
Hét boek over de bedoeling van maatschappelijke ondersteuning.
Opgetekend aan de hand van verhalen van over de drempel, achter de schermen en aan de keukentafel.

 

“Vol compassie en heel objectief beschrijft Sandra de mensen die ze in haar werk ontmoet. Van de Marokkaanse oma’s tot de stoere mannen met tattoos. Beiden met problemen waar ze ondersteuning bij nodig hebben. Ik ben telkens weer ontroerd. Zijzelf trouwens ook. De verhalen van haar cliënten raken haar echt. Ze krijgt knuffels, dankbaarheid en begrip maar komt ook knorrige mensen tegen. Aanrader voor alle consulenten en verder voor iedereen die betrokken is bij het sociale domein! Eigenlijk vind ik het gewoon een heel goed boek wat iedereen zou moeten lezen!”

Anne Vrieze – directeur WWZ academie online opleidingen (Wmo) en auteur van het boek ‘Gezond verstand in het sociaal domein’

Meer reacties lees je hier