Dat was de vraag vandaag. Wel testen of niet testen.

Omdat ik vage klachten hou (erg moe, hoofdpijn, snel buiten adem, een mij onbekende druk op de borst, koortsig zijn afgewisseld met het ijskoud hebben…) heb ik na een paar dagen heel veel slapen en niet werken toch maar even overlegd met de assistent van de huisarts.

Naar aanleiding van dit overleg belde ik het algemene nummer van de GGD. Omdat ik niet helemaal voldeed aan de klachten kon ik geen afspraak maken. Gewoon niet. Als in terug naar af, maar dan zonder die 200 euro van de bank.

Dit voelde toch niet tof en op aanraden van een vriendin die ik vervolgens aan de lijn had belde ik weer met de assistent van mijn huisarts en daarna opnieuw met het GGD nummer en yep, toen mocht ik wél een afspraak maken.

Het werd een heel avontuur, want net voor ik de locatie zou bereiken was de weg opgebroken en nee, ik ben niet heel goed in navigeren, dus hoop dan altijd maar dat mijn apparaten een alternatieve route kunnen bedenken en zo kwam ik, na wat omzwervingen, het terrein op. Ik zag geen pijlen, geen mensen, maar wel een ingang en reed linea recta vanaf de verkeerde kant de teststraat in. Gelukkig kon ik keren en omrijden en mij alsnog, net als ieder ander, melden aan de start. Daar stonden wel pijlen en twee mannen, die het verkeer regelde en zag mijn binnenkomst er iets logischer uit.

Toen ik voor het eerste loket stond waar mijn aanwezigheid administratief zou worden afgehandeld werd ik nogal opgeschrikt door een luid jammerende vrouw. Ze liep door de teststraat, voor mijn auto, langs mijn auto, achter mijn auto. Wel met een mondkapje op, maar het leek me toch wijs om mijn raam weer even te sluiten. Stel je voor: had ik nog geen Corona zou ik het in de teststraat oplopen omdat iemand in paniek mijn auto in niest. De vrouw was duidelijk in de war… of verward… en vond het blijkbaar allemaal erg spannend. De organisatie wist ook even niet wat ze moesten waarop ik zei dat ze eerst de vrouw maar even moesten helpen en dat ik mijn motor nog wel even uit zou zetten. Zo geschiedde. De vrouw werd opgevangen door een supervriendelijke testdame en gilde het uit toen het wattenstaafje in haar neus ging.

Ik was al gewaarschuwd dat dat geen prettig gevoel was. Dit stelde me niet echt gerust.

Toen ik mocht doorrijden kwam ik bij een loket waar vier jonge gasten klaar stonden om in actie te komen. Ze hadden er gelukkig nogal lol in.

Toen de testgast mij vroeg of ik voorkeur had voor een neusgat kon ik het niet laten om te zeggen dat die vraag mij werkelijk nog nooit gesteld was en dat ik toch al wel het een en ander had mogen meemaken in mijn leven. Ik kon niet kiezen, dus liet het aan hem. Hij koos voor links en vanaf achter zei een collega dat hij dat een goede keus vond en dat hij ook voor die kant was gegaan. Grapjas.

En nee, het was niet lekker, dat wattenstaafje dat bijna tot aan je hersenpan naar binnen wordt gefrummeld en rondgedraaid, maar een beetje lachen maakt veel goed en ach, zo erg was het ook weer niet eigenlijk. Vond ik. Blijkbaar was links inderdaad een goede keus geweest.

Toen ik wegreed riep nog iemand van hen enthousiast dat ze een BNer hadden getest… toen hij zag dat ik een boek heb geschreven. 😉

Mijn verwondering van vandaag?

– Hoe je met hetzelfde verhaal bij de ene wel en bij de andere niet in het pulletje valt en hoe maar weer blijkt dat brutalen (of assertieven, zo je wilt) de halve wereld hebben (ik schreef er al eerder iets over) en de andere helft ongetest blijft rondlopen op deze manier.

– Hoe je zelf de regie kunt nemen over hoe leuk je iets maakt, of dat nu de taak is om wattenstaafjes in neusgaten rond te draaien, hetwelk je de hele dag herhaalt, of dat je moet ondergaan dat er een keer op een dag een wattenstaafje in je neus wordt rondgedraaid.

Nu weer bijkomen en wachten op de uitslag. *

Sandra
Wmo adviseur

*) update 13 november: ‘de uitslag is negatief’ 👌🏻

© de Wmo adviseur

Wil je je laten verrassen, raken, inspireren, aan het lachen maken én je blik verfrissen door mee te kijken door de bril van de Wmo adviseur in het werk van alledag, dat nooit alledaags is, omdat ieder mens anders is en Wmo altijd maatwerk? Check ‘O, dus dát is Wmo!’. Hét boek over maatschappelijke ondersteuning in de praktijk, waarin ik je mee op pad neem naar achter de voordeur, daar waar de mensen wonen om wie het gaat.

Direct bestellen kan hier …

Wil je iedere maand inspiratiemail in je box én op de hoogte blijven van de ontwikkelingen van deel II van ‘O, dus dát is Wmo!’?
Schrijf je dan in voor de Kleine Kolibrief (no spam)